Twee commissies van het Europees Parlement hebben stappen gezet om de voorheen strikte 2035‑doelstelling voor CO₂‑uitstoot van nieuwe auto’s in de EU te versoepelen. Ze namen een compromis aan dat de vereiste vlootreductie verlaagt en kreditering mogelijk maakt voor Europees laag‑carbon staal. De stemmingen vormen de meest ingrijpende verschuiving in het EU‑autobeleid sinds de Commissie in december 2025 het Automotive Package presenteerde.
Waarover de commissies stemden
Op 22 oktober stemden de Industrie (ITRE) en Transport (TRAN) commissies vóór een compromis van midden‑groepen dat autofabrikanten zou verplichten de gemiddelde CO₂‑emissies van nieuwe auto’s tegen 2035 met 95% ten opzichte van 2021 te verminderen, in plaats van de huidige wettelijke 100%‑doelstelling. Wetgevers kwamen ook overeen dat fabrikanten tot 7,5 procentpunt extra flexibiliteit kunnen claimen door Europees laag‑carbon staal in voertuigen te gebruiken — een mechanisme dat de effectieve 2035‑reductie in het ‘ergste geval’ kan terugbrengen tot slechts 87,5%. De stemming in de Industriecommissie werd geregistreerd als 49 voor, 27 tegen en 5 onthoudingen; TRAN steunde de tekst met 27 stemmen tegen 18 en één onthouding.
De Milieucommissie — de leadcommissie voor het dossier — zal het voorstel later in de wetgevende procedure behandelen; Clean Energy Wire meldt dat de stemming in de Milieucommissie gepland staat voor 23 november, waarna plenaire behandeling en onderhandelingen met de Raad zouden volgen.
De politiek achter de stap
Het parlementaire compromis volgt op een Frans‑Duitse overeenkomst midden oktober die een versoepeling van de 2035‑regel koppelde aan strengere ‘Made in Europe’ bepalingen, gericht op het sturen van publieke steun en aanbestedingen naar Europese productie. De Duitse kanselier Friedrich Merz noemde de bilaterale deal “een goede dag voor automobilisten en voor banen in Duitsland, Frankrijk en Europa,” terwijl de Franse president Emmanuel Macron zei dat het een “duidelijke ambitie toont om de industrie succesvol te transformeren.” De Frans‑Duitse positie was bepalend voor de recente stemmingen in de Parlementaire commissies.



